De mens, denkend dier of computer?

Verschillende mensen hebben in de geschiedenis van de filosofie nagedacht over de vraag ‘wie is de mens?’ Zij kwamen met verschillende antwoorden. De oude Grieken dachten bijvoorbeeld dat de mens een speciaal soort dier was. Een dier dat kan denken. Latere filosofen dachten weer dat de mens het enige wezen is dat in God gelooft, of het enige wezen dat kan praten, of het enige wezen dat moreel kan handelen.
Foto

Wie of wat is de mens?

Sommige filosofen denken echter dat de mens net zoiets is als een hele ingewikkelde computer. Wij zijn machines en we zijn zo geprogrammeerd, dat ons doel is om te blijven leven. Ons lichaam is de computer. Hoe we ons gedragen komt door de programma’s die op die ‘computer’ staan. De mens kan  dus niets zélf kiezen, we zijn gedetermineerd.

Hoe dan ook, vandaag vroeg ik kinderen in de leeftijd van acht tot elf jaar waar zij aan denken bij ‘de mens’. Veel, heel veel verschillende inzichten werden gegeven met de antwoorden en argumenten die zij gaven. Van organen en ledematen tot persoonlijke ontwikkeling. Van geloof, wetenschap en milieuvervuiling tot gezondheid, ziektes en oorlog. Heftig?! Welnee!

Filosoferen over levensvragen

Door kinderen zelf te laten verwoorden wat zij denken en ze te laten luisteren naar wat een ander vertelt, voelen zij zich met elkaar verbonden. Er heerst tijdens zo’n gesprek een veilig, positief en onderzoekend groepsklimaat. Ook leren kinderen denken vanuit een ander referentiekader, doordat zij zich verbazen over de gedachten van een klasgenoot. Vaak genoeg echter voelen zij zich begrepen en gehoord. Groeit hun zelfvertrouwen, omdat zij zich juist in elkaars denkwijze kunnen herkennen. Heerlijk toch dat deze jonge , kritische denkers op deze manier spelenderwijs hun persoonlijke waarden ontdekken en hun eigen filosofie geschiedenis aan het schrijven zijn?

Share your thoughts